dinsdag 25 februari 2020 | Home | Bestenlijsten | Bestenlijsten NL | Calculators | Nieuws | Records | Uitslagen | Videos | Wedstrijden | VZA Ranglijsten | Weer |
 
Wedstrijdagenda meer wedstrijden
za 29-02: Scheldeloop Terneuzen
za 29-02: 31e Kustcross Vlissingen
za 07-03: Krokusloop Hulst
za 07-03: 53e Massaloop Oostkapelle
zo 08-03: 45e CPC Loop Den Haag
zo 08-03: 4e Natuurloop Cadzand-Bad
za 14-03: 48e Pannekoekloop Westenschouwen
zo 15-03: 27e Zwinstedenloop Sluis
zo 15-03: 32e Parelloop Brunssum
za 21-03: Corn Boys Loop Sas van Gent
za 21-03: 9e Ronde van BRU Bruinisse
zo 22-03: 60 km van Walcheren Vlissingen
za 28-03: 25 km van Hulst
zo 29-03: 15e Venloop
Recente uitslagen
  meer uitslagen
zo 23-02: 3e Natuurloop Cadzand-Bad
zo 23-02: 9e Kapellecross Kapelle-Biezelinge
zo 23-02: Bosbokkentrail Westenschouwen
za 22-02: Halve Marathon Axel
za 15-02: 15e Zwaarste 10 van Zeeland Westenschouwen
za 08-02: Erpelkappersloop Axel (140)
za 08-02: Grevelingen cross Bruinisse (115)
zo 02-02: 29e Midwinter Halve Marathon Cadzand (391)
za 01-02: 22e Rammekensloop Ritthem (267)
za 25-01: 6e Scheldesport cross Westdorpe (85)
za 18-01: Dow trimloop Terneuzen (88)
za 11-01: Berlaerloop Koewacht (105)
za 11-01: 48e Deltacross Westenschouwen (288)
 

De maat van de marathon


zaterdag 12 april 2008 - Auteur/Bron: Mark Van Driel (Volkskrant) E.a.

ROTTERDAM - Vroeger waren marathons te kort, nu zijn ze te lang. Wat is toch 42.195 meter? Op pad met parcoursmeters in Rotterdam, waar zondag de marathon wordt gehouden. 'Je loopt al snel 300 meter te veel.'

Maurice Winterman en Paul Hodgson zijn nog wat slaperig als ze aankomen op de Coolsingel.
Het is zondagochtend half vijf, volgens de klok die net een uur is vooruitgezet. De Rotterdamse nachtclubs lopen leeg. Bij McDonald's is het spitsuur. De wind draagt de geur van friet langs het stadhuis.

Dit is volgens Winterman en Hodgson het ideale tijdstip om het parcours van de marathon na te meten. De rest van de stad is in diepe rust. Winterman wijst het startpunt aan: de rechterhoek van de afvoerput tegenover het stadhuis. Bij een wit verfstreepje begint over twee weken, op 13 april, de rituele martelgang van ruim 11.000 lopers. Voor hen is de marathon een mythische afstand, synoniem aan doorzettingsvermogen en wilskracht.

Voor de twee parcoursmeters telt vooral dat de marathon 42 kilometer en 195 meter lang is. Of, preciezer gezegd, geen meter minder dan de curieuze afstand die honderd jaar geleden door koninklijk ingrijpen werd vastgesteld (zie inzet).

Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Winterman en Hodgson behoren tot een exclusief genootschap dat metingen verricht. De 40-jarige Nederlander is vrijwel elk weekeinde in touw bij een van de vele loopwedstrijden. Nederland telt vijf officiële parcoursmeters. De 56-jarige Brit is sinds 1986 wereldwijd actief. Beiden zijn in het dagelijkse leven landmeter.

Het gereedschap van de parcoursmeters bestaat uit een fiets, een rekenmachine en de zogeheten Jones-counter. Dat is een klein, mechanisch apparaat dat vastzit aan de voorvork en de spaken. Het telt, kort gezegd, de omwentelingen van het voorwiel. Aan de hand daarvan is uit te rekenen of de parcoursbouwer zich aan de officiële afstand heeft gehouden.

Het systeem is betrouwbaarder dan een computergestuurd gps-systeem. Dat wordt in de stad verstoord door hoge gebouwen.

Om vijf uur vertrekken de parcoursmeters in een kleine colonne vanaf de Coolsingel, tot verbazing van beschonken jongelui die de nacht nog niet vaarwel willen zeggen. Twee motoragenten gaan voorop om het verkeer te regelen. Dan volgt parcoursbouwer Wim Jonkman op een geleende Vespa. Dan Winterman en Hodgson, met neon veiligheidsvesten. En tot slot een bezemwagen.

De Volkskrant fietst ook mee, met een goedkope kilometerteller uit de speciaalzaak.

Op de Vespa geeft Jonkman de ideale looplijn aan, oftewel de kortste weg tussen start en finish. Zonder motoragenten is die niet te rijden, zelfs niet op dit stille tijdstip. Al aan de voet van de Erasmusbrug blijkt dat de Rotterdammers niet weten wat ze aanmoeten met de curieuze colonne. Ze kijken verbouwereerd naar de motoragenten die dwingend gebaren dat ze plaats moeten maken voor de Vespa en fietsers.

De ideale looplijn gaat de helft van het parcours dwars tegen het verkeer in.

Dat kan volgens de parcoursbouwer niet anders. Tijdens de marathon moeten de stadswijken bereikbaar blijven voor bewoners en hulpdiensten. Dat betekent dat er inventief geslingerd gaat worden tussen de rechter- en linkerhelft van de weg, de hele marathon door. Door de vele verbouwingen in Rotterdam verandert het parcours elk jaar, waardoor er elke twaalf maanden opnieuw wordt gemeten.

In de buitenwijken van Rotterdam-Zuid is het doodstil. De Vespa probeert het tempo van de snelste marathonlopers aan te houden, ongeveer 20 kilometer per uur. 'De jongens lopen net zo hard als wij fietsen', zegt Winterman. 'Ik heb ook wel eens zo hard gelopen. Maar hooguit 3 kilometer. Dan gaan zij nog 39 kilometer door.'

Om de 5 kilometer stopt de colonne even. Met een lik verf wordt op het wegdek of een lantaarnpaal aangegeven waar straks drinkwaterposten komen te staan.

Op sommige stukken wegdek is de ideale looplijn zichtbaar, als een zwarte rubberveeg van een vrachtwagen die kortgeleden is geslipt. Het is het restant van een mislukt experiment van enkele jaren terug.

De ideale lijn werd met blauwe verf op het wegdek aangebracht, als hulpmiddel voor de toplopers. Regen had de verf enkele dagen na de marathon moeten wegspoelen, maar de verf bleek van te goede kwaliteit. De lijn moest uiteindelijk zwart worden gemaakt, om automobilisten niet in de war te brengen. Parcoursbouwer Jonkman: 'Sindsdien hebben we geen geverfde ideale lijn meer. We hebben een fietser die de toplopers de weg wijst.'

Hoewel de parcoursmeters eer leggen in het nauwkeurig volgen van de ideale looplijn, gaan toppers en recreanten er vaak achteloos mee om. Ze beseffen volgens Jonkman nauwelijks dat ze daardoor een stuk verder lopen dan strikt noodzakelijk is.

Toppers leggen al snel 300 meter te veel af, schat hij. Recreanten misschien nog wel meer. 'Als je op je tandvlees loopt, is een paar honderd meter veel. En voor een wereldrecord of een persoonlijk record ook. Dat kan een halve minuut tot een minuut in de eindtijd schelen.'

Zelfs als marathonlopers de ideale lijn volgen, lopen ze te veel. Officieel is een marathon weliswaar 42.195 meter, in de praktijk is hij langer. Om te voorkomen dat een marathon te kort is, wordt aan elke 1.000 meter 1 extra meter toegevoegd. Pas als er 1.001 meter gereden zijn, registreert de Jones-counter er 1.000.

Daarmee meet de marathon eerder 42.237 meter dan 42.195 meter. Mocht een loper een bocht afsnijden, dan legt hij nog steeds meer af dan de vereiste afstand. Jonkman: 'Je meet niet hoe lang een marathon is, je toont aan dat hij niet te kort is.'

Tot eind jaren tachtig van de vorige eeuw waren marathons volgens de huidige meetinzichten structureel te kort. Volgens Jonkman en Hodgson scheelde het 'honderden meters tot een halve mijl'.

Parcoursbouwers zetten de marathon ruwweg uit op de landkaart en gingen die afstand vervolgens na met een auto of motor. De officiële marathonmeters liepen de afstand vervolgens na met een meetwiel, een wiel aan een stok. Dat wiel is veel minder accuraat dan de Jones-counter. Het stuitert over oneffenheden, zoals klinkers. En het is moeilijk recht te houden, waardoor veel sneller afwijkingen ontstaan.

Hoewel veel marathons vroeger dus te kort waren, maakt dat nu weinig meer uit. Alle oude records zijn verbeterd. Sinds begin jaren negentig zijn de meetmethoden tot in detail gestandaardiseerd. Om te voorkomen dat lopers onderweg afsnijden worden dranghekken geplaatst: in Rotterdam staan er 8.000. En de Jones-counter wordt nauwkeurig geijkt. Hij wordt bijvoorbeeld gecorrigeerd voor de temperatuurstijging of -daling die zich kan voordoen gedurende de meting.

Jonkman: 'Als de temperatuur 8 graden oploopt, wat in de zomer tijdens een meting gemakkelijk kan, scheelt dat na 42 kilometer zo 50 of 60 meter.'

Over dergelijke details praten de parcoursmeters weinig. Ze worden al voor gek versleten zonder de finesses van hun vrijwilligerswerk prijs te geven. 'Als je op je werk vertelt dat je 's ochtends om vijf uur een marathon gaat fietsen, zeggen ze dat je niet goed wijs bent', zegt Winterman. Het deert hem niet. 'Een groter compliment kun je niet krijgen.'

Winterman en zijn Britse collega genieten in stilte van de tocht door Rotterdam. Langzaam ontwaakt de stad. De vogels beginnen te fluiten. De zon komt op en als het even later zachtjes begint te regenen, verschijnt er kort een regenboog. Tegen half acht vertonen de eerste joggers zich op straat. Ook zij kijken vol onbegrip naar de kleine colonne.

De parcoursmeters fietsen onverstoorbaar verder, in het besef dat hun reputatie op het spel staat. Hun werk wordt gecheckt als er in Rotterdam een wereldrecord wordt gelopen.

Het gebeurt niet vaak dat een record wordt geschrapt, wegens een foute meting. Hodgson heeft als controleur eenmaal moeten ingrijpen, in 1990 bij de halve marathon van Lissabon. Daar werd een wereldrecord gelopen op een parcours dat bij nadere inspectie 98 meter te kort bleek. De tijd werd ongeldig verklaard.

Bewust bedrog in de hoop op recordtijden komt volgens de parcoursmeters weinig voor, al heeft parcoursbouwer Jonkman af en toe zijn bedenkingen. Soms wordt er naar zijn smaak opvallend hard gelopen door atleten met een beperkte aanleg. Namen van marathons wil hij niet noemen.

In zijn eigen stad vreest Jonkman het oordeel van de controleurs niet. Hij wacht bij terugkeer op de Coolsingel vol vertrouwen de berekening af. Het is acht uur geweest. Het regent hard. De jongelui zijn verdwenen uit het stadscentrum, net als de frietlucht.

De teller van de Volkskrant staat op 42.970 meter, een kleine 800 meter te veel.

Na een vluchtige berekening komt Winterman op 42.209. De Brit houdt het op 42.221.

Even later, aan het ontbijt in een hotel, volgt de definitieve uitslag. De Jones-counter is gecorrigeerd voor een daling in temperatuur. Winterman heeft 3 meter te veel, zijn collega slechts 6 meter. 'Ik heb in 22 jaar tijd nog nooit zo'n exact resultaat gehad', zegt Hodgson tegen de parcoursbouwer. 'Dit is verbijsterend.'

Jonkman glundert. Hij hoeft het keerpunt aan de Olympiaweg slechts een klein beetje te verleggen. 'Het is niet verbijsterend. Het is goed werk', zegt hij. Uit een tas haalt hij een stapeltje computeruitdraaien. Vroeger was hij urenlang met een landkaart en een meetlint in de weer om het parcours uit te zetten. Tegenwoordig heeft hij Google Earth. Met dank aan de satellietfoto's kan hij heel nauwkeurig werken.

Zo nauwkeurig dat de menselijke meters met hun Jones-counter overbodig zijn? 'Het lijkt erop, maar dat is niet zo. Zij moeten controleren wat ik aanbied. Alleen dan heb je een betrouwbare marathon.'
'Je meet niet hoe lang een marathon is, je toont aan dat hij niet te kort is'

42.195 meter
De marathon dankt zijn bestaan aan de moderne Olympische Spelen, die in 1896 voor het eerst werden gehouden. De afstand verwijst volgens de Encyclopaedia Britannica naar een mythische tocht die een Griekse soldaat zou hebben afgelegd tussen Marathon en Athene, in 490 voor Christus. Hij zou ongeveer 40 kilometer hebben gerend met de boodschap dat de Grieken de Perzen hadden verslagen. Meteen na het uitspreken van die boodschap zou hij zijn gestorven.

De eerste wedstrijdmarathons varieerden in afstand. Er werd rond de 40 kilometer gelopen, of ongeveer 25 mijl (40.230 meter). De huidige afstand kwam in 1908 tot stand bij de Olympische Spelen van Londen. Over het ontstaan ervan doen verschillende verhalen de ronde.

Volgens de internationale marathonorganisatie AIMS zou de marathon oorspronkelijk 26 mijl in beslag nemen: van het koninklijke paleis Windsor Castle naar het Olympisch Stadion, waar voor de koninklijke loge werd gefinisht.

De start werd op verzoek van de toenmalige koningin op het laatste moment verlegd naar een ander deel van Windsor Castle. Ze wilde dat haar kroost vanuit de kinderkamer kon toekijken. Door die spontane verplaatsing kwam de marathon uit op 26 mijl en 385 yards, oftewel 42.195 meter.

Na de Spelen van Londen bleef er lange tijd veel variatie bestaan in de marathonafstand. Pas in 1924 werd de afstand gestandaardiseerd.

Meten hoe doe je dat?

door: Maurice Winterman

Parkoersmeting met de Jones/Oerth counter

Wanneer ik een persoonlijk record loop in een wedstrijd, vraag ik me direct af of het parkoers niet te kort is geweest. Maar als de organisatie aangeeft dat het parkoers gecertificeerd is geeft dat in ieder geval aan dat het parkoers met bepaalde nauwkeurigheid gemeten is. Deze gecertificeerde parkoersen worden tegenwoordig, sinds 1976, met een zgn. Jones / Oerth counter gemeten.Wat maakt nu het verschil tussen een niet gecertificeerd en een gecertificeerd parkoers?

Gecertificeerd
In ieder geval gaat er achter een gecertificeerd parkoers een hoop werk schuil. Dit werk wordt gedaan door toegewijde mensen die op vakkundige wijze het parkoers meten en zodoende ervoor zorgen dat je ervan uit kunt gaan dat de afstand correct is. De parkoersmeters in Nederland meten volgens de richtlijnen van AIMS / IAAF. De onderdelen van het werk zijn divers. Zo worden er kaartjes gemaakt, punten op parkoers aangegeven en wordt er vanzelfsprekend de meting uitgevoerd. Deze metingen vinden over het algemeen ‘s ochtends vroeg en op zondag plaats om ervan verzekerd te zijn dat er weinig verkeer op het te meten traject is. Door ‘s ochtends te meten en tevens onder begeleiding van politie kan de veiligheid van de meters worden gegarandeerd. Daarnaast kan er op dit tijdstip eenvoudig de kortste weg (vaak de ideale lijn) aangehouden worden.

De meting
De meting wordt uitgevoerd met een fiets waarop een zgn. Jones / Oerth counter is bevestigd.De counter wordt tussen de voorvork en het wiel vastgeklemd en wordt door twee pinnen, die tussen de spaken zitten, en twee wieltjes aangedreven. De counter lijkt op een ouderwetse fiets kilometerteller die ook tussen de as van het wiel en de voorvork werd vastgeklemd. In 1970 werd het eerste type Jones-counter gemaakt door Clain Jones, de zoon van Alan Jones die als beginnende loper twijfelde over de gelopen afstand tijdens zijn eerste officiële wedstrijd. Met behulp van een aantal oude fietskilometertellers zetten zij een nieuw apparaatje in elkaar. Vanaf 1973 werd de teller door hen “in productie genomen” en werden er 30 geproduceerd en werd er zelfs een verkocht in Engeland.In 1976 had de marathon van Montreal de primeur om als eerste Olympische marathon om met de Jones counter gemeten te worden. In 1990 verbeterde Paul Oerth de counter en sindsdien is de naam dan ook gewijzigd in Jones / Oerth counter. 

Nauwkeurig
De Engelsman die in 1973 als eerste Europeaan de teller in zijn bezit had was, de in augustus 2001 overleden, John Jewell. John Jewell was de pionier en grondlegger van het moderne parkoersmeten. Hij toonde in 1960 al aan, na een onderzoek van twee jaar naar verschillende meetmethoden, dat de “calibrated bicycle method”  het meest nauwkeurig en snel was. Door zijn fietswiel te ijken op een exact gemeten kilometer kon hij nauwkeurig afstanden meten. Met de intrede van de Jones/ Oerth counter kan tegenwoordig 8-10 cm als kleinste eenheid gemeten worden.John Jewell gaf ook aan dat een meetwiel of loopwiel geen nauwkeurigheidsinstrument is. Daarnaast slingert een meetwiel bij een lage snelheid en bij hoge snelheid stuitert het. Afgezien van deze problemen is het maar de vraag of een meetwiel geijkt is of gecontroleerd. Meten op grootschalige kaarten kan andere optie zijn maar ook hier zijn de afwijkingen te groot. Het meten met een auto is helemaal uit den boze.

Grote verschillen
De bovenstaande wijzen van meten worden vaak toegepast bij niet gecertificeerde wedstrijden en kunnen dan ook als niet toereikend beschouwd worden. Proefondervindelijk heb ik vastgesteld dat parkoersen gemeten met een loopwiel minimaal een afwijking 1% hebben, dus 100 meter op 10 kilometer! En zelfs met de tegenwoordig nauwkeurig geachte fietscomputers heb ik geconstateerd dat de afwijkingen zelfs groter zijn dan 1%. Daarnaast speelt ook de wijze van fietsen een zeer rol grote rol bij het vormen van afwijkingen in de totaal afstand.Kortom het grote verschil tussen een gecertificeerd en een niet gecertificeerd is dat een gecertificeerd parkoers voldoet aan de minimale afstand die gewenst is voor een wedstrijd. Het is zelfs zo dat er1promille (1 meter per kilometer) “overafstand” in de afstand verwerkt wordt zodat een eventuele afwijkingen in het afzetten van het parkoers of kleine meetfouten worden opgevangen. Een niet gecertificeerd / gemeten parkoers voldoet dus niet aan de internationale eisen en heeft, in de meeste gevallen, niet eens de lengte die men aangeeft in de aankondigen en folders. Het is zelfs zo dat deze parkoersen 1 à 2 % te kort zijn. Het is daarom in mijn ogen een mooi streven om het parkoersmeten gemeengoed te laten worden in Nederlandse wegatletiek zodat we in ieder geval kunnen vaststellen dat de afstanden gelijk zijn en hierover geen discussies meer ontstaan, want lopers kunnen je direct na de finish al vertellen hoe snel (of kort) het parkoers was.

Coördinator parcoursmetingen hardloopnieuws.nl
M.Winterman Postmeestersdreef 209
 7328 KP Apeldoorn Tel: (055) 5428384
E.mail: mauricewinterman@hetnet.nl

Betrouwbaarheid GPS

Maurice Winterman (landmeter van beroep) is een van de bekendste parcoursmeters in Nederland en hij vertelt hierover het volgende:

"Er zijn diverse factoren die GPS-waarnemingen verstoren (hoge gebouwen in de stad, beweging aan de pols) waardoor GPS-horloges niet geschikt zijn om een nauwkeurige meting te doen, althans in vergelijking met de Jones-counter-methode. Vóór 1990 gebeurde alles met een loopwiel, maar dat was nogal onnauwkeurig. Bij de Jones-counter-methode wordt eerst het metertje op de as van een fietswiel geijkt aan de hand van een gemarkeerde afstand. Daarna wordt met twee fietsen en dus twee afstandsmeters de ideale lijn van het parkoers gereden. Na afloop vindt er een nieuwe ijking van beide afstandsmeters plaats, waarna we het gemiddelde nemen van het ijken vóór en na de parcoursmeting. Dit gebeurt omdat door verschil in temperatuur of vochtigheid het fietswiel kan krimpen of uitzetten. Misschien is dat slechts een milimeter, maar op een marathon betekent dat wel 42 meter.

Tijdens een parcoursmeting gebruik ik ook GPS en soms kom ik op een paar meter na uit op de officieel gemeten afstand. De GPS is dan wel gemonteerd op het stuur en blijft dus stil en beweegt niet aan de pols. Discussie zal echter wel blijven. Als we registraties van lopers gaan verzamelen per wedstrijd dan kan je gaan vergelijken. Dit is in Engeland al eens gedaan en dan blijkt dat GPS 1-2 % te veel aangeeft. "

Meer over GPS meting
Via GPS kan de positie in 95% van de metingen 3-5 meter afwijken. In de overige 5% van de metingen kan dat tot 10 meter zijn.
Er zijn mensen die een verkeerd beeld hebben van GPS metingen. Zij denken dat een GPS je continue volgt en de exacte lijn weergeeft waar langs je gelopen hebt.
De werkelijkheid is dat je GPS horloge de ene keer elke seconde maar soms ook pas 20 seconden later een meting doet. Elke meting is een punt op de kaart. Zoals al aangegeven: het kan 3-10 meter afwijken, dus het punt op de kaart kan zomaar 5 meter naast het parcours verschijnen. Als vervolgens die punten met elkaar verbonden worden, kun je het beeld krijgen zoals in de afbeelding in het plaatje hieronder.

Hoe ontstaat die onnauwkeurigheid van de metingen? Dat komt door ruis in het signaal, atmosferische omstandigheden, hoge gebouwen, bergen, bewegende GPS aan de pols. Een hoog gebouw kan een sporadisch een onnauwkeurigheid veroorzaken tot wel 30 meter.

Geeft een GPS altijd te veel aan? Nee, stel je loopt bijvoorbeeld in het bos met een dik bladerdek waardoor je af en toe geen metingen hebt, en toevallig heb je een bocht gemaakt. Aangezien de de twee punten van de laatste 2 metingen met elkaar verbonden worden door een recht lijnstuk wordt de bocht niet in de meting meegenomen en dus wordt een kortere afstand gemeten. Zie tweede afbeelding.

Dus soms wordt te veel aangegeven, soms te weinig, waardoor de ene keer fouten elkaar opheffen en dus de totale afstand redelijk dichtbij de werkelijk afstand ligt, de andere keer niet.

Misschien leuk om eens uit te proberen: loop 5 km op een atletiekbaan met je GPS.

Bron: informatie van Maurice Winterman, IAAF geregistreerd parcoursmeter

Marathon van Rotterdam: 42,195 km staat vast, op een paar meter na

De start van de Rotterdamse marathon is verplaatst, maar dankzij een speciale teller is de parcourslengte onveranderd.

Henk Stouwdam/NRC, 6 april 2018

Tweeënveertig kilometer en honderdvijfennegentig meter, een curieuze afstand. En toch associeert vrijwel iedereen dat merkwaardige getal met de marathon, de beulsachtige atletiekdiscipline die toplopers – doorgaans uit Kenia en Ethiopië – net niet binnen de twee uur kunnen afleggen, maar veel recreanten ‘ooit eens gelopen willen hebben’. 42195 is bij elkaar opgeteld 21. Alsof dat getal daarmee een grens wil uitdrukken: alleen geschikt voor volwassenen.

Zondag wordt in Rotterdam voor de 38ste keer 42,195 kilometer aan straten verkeersvrij gemaakt om duizenden hardlopers een genoegen te doen. Wie bepaalt de route en op grond van welke criteria? Wie meet de juiste afstand, maar vooral hoe? Is de lengte van het parcours echt, maar dan ook écht, op de millimeter nauwkeurig, 42,195 kilometer? En wie heeft in hemelsnaam die rare afstand van 42,195 kilometer verzonnen?

PARCOURS

In Rotterdam, zegt marathon-directeur Mario Kadiks, staat de deelnemer altijd centraal. Het parcours is bewust zo vlak mogelijk gehouden om topatleten de kans op een snelle tijd te geven. Het gaat zo ver dat de kromming rond het Kralingse Bos niet rechts- maar linksom wordt gelopen; om een stukje ‘vals plat’ af- in plaats van opwaarts te kunnen rennen.

Voor de intimiteit van de Rotterdamse marathon is gekozen voor een parcours door woonwijken en niet door saaie industrieterreinen. Daar is in de beginjaren vanuit het bedrijfsleven wel voor gelobbyd, maar verzoeken zijn door de organisatie resoluut afgewezen. Er moeten mensen langs het parcours staan, bij voorkeur dusdanig gemengd dat het multiculturele karakter van de stad wordt benadrukt, zegt Kadiks. Misschien een tikje pretentieus, maar de marathon ziet de organisatie als een metafoor voor verbinding: één lang, veelkleurig lint van lopers dat saamhorigheid symboliseert.

METING

Nee, niet te voet, maar op de fiets meet Maurice Winterman nauwgezet het parcours van de marathon. ’s Nachts welteverstaan, vanwege de geringe verkeershinder. Dan nog moeten hij en zijn compagnon door politie begeleid worden; de ideale lijn verlangt soms een meting tegen de rijrichting in, vandaar. En op een fiets zonder trommel- of schijfremmen, omdat de meetapparatuur anders niet werkt. Winterman volgt dan nauwgezet een fietser van de organisatie die de route kent, en meet in de bochten met een marge van 30 centimeter ten opzichte van de weg- of stoeprand. En hij wordt altijd vergezeld door een tweede parcoursmeter.

Winterman, een Apeldoorner van 50 jaar met een cartografische opleiding, is de enige, hoogst gekwalificeerde parcoursmeter in Nederland. Hij werkt internationaal, want komende zomer is hij in Berlijn verantwoordelijk voor de meting van het EK-parcours van de marathon.

Hoe Winterman meet? Niet met een kilometerteller, zoals je zou verwachten, maar met een teller die totalen van een eenheid weergeeft. Dat klinkt raadselachtiger dan het is. Het zit zo. Voorafgaande aan zijn meting fietst Winterman in een rechte lijn vier keer een door de landmeetkundige dienst bepaalde afstand tussen de 300 en 500 meter, meestal zo’n 400 meter. In Rotterdam zijn daarvoor speciaal twee spijkers in een fietspad geslagen. Die afstand vertaalt Winterman naar de ruimte tussen de tikken op zijn teller. Hij weet dat elke tik goed is voor 9 centimeter, wat bij een gemeten afstand van 400 meter ongeveer neerkomt op zo’n 11.000 tikken voor elke kilometer. Winterman kan zo exact uitrekenen hoeveel tikken hij nodig heeft voor 42,195 kilometer. „Nee, dat gaat zelden mis”, zegt de parcoursmeter. „Mede doordat de meting met z’n tweeën wordt uitgevoerd. Bij enkele meters verschil weten we dat we goed zitten. Als je beiden op precies dezelfde afstand uitkomt, is dat landmeetkundig verdacht. Uiteindelijk houd je de kortste van de twee metingen aan.”

Helemaal tot op de millimeter nauwkeurig kan 42,195 kilometer onmogelijk gemeten worden, zegt Winterman. Daarom wordt voor de definitieve vaststelling de gemeten afstand met één promille verhoogd om onnauwkeurigheden te compenseren. In de praktijk praat je dan volgens de parcoursmeter over een paar meter extra. Dat is toegestaan, want een marathonparcours mag volgens de voorschriften wel iets langer zijn dan 42,195 kilometer, maar pertinent niet korter.

ERASMUSBRUG

Een eenmaal gemeten parcours checkt Winterman nooit. Tenzij er een verandering wordt doorgevoerd, zoals in Rotterdam, waar vanaf zondag de start definitief van de Coolsingel naar de voet van de Erasmusbrug is verplaatst. Dat impliceerde een aanpassing van zo’n 1.200 meter. Dat extraatje verwerkte Winterman bij het keerpunt op 15 kilometer op de Slinge, die nu met 600 meter is verlengd.

De reden voor verplaatsing van de finish is de herinrichting van de Coolsingel, een ingrijpend project dat in 2021 zijn beslag krijgt. Marathon-directeur Kadiks vertelt dat die verandering is aangegrepen om de start te verleggen. Het voordeel is vooral een betere doorstroming van de duizenden recreatieve lopers. De finish op de Coolsingel blijft gehandhaafd.

GPS

Winterman moet zich regelmatig de hoon van deelnemers laten welgevallen. ‘Het door jou gemeten parcours is te lang. Er klopt niets van’, luidt dan ostentatief het verwijt. De oorzaak: het global positioning system (gps), waar veel lopers gebruik van maken. De minzame respons van Winterman luidt telkens: gps is onbetrouwbaar.

De parcoursmeter zelfverzekerd: „Dat is getest in Engeland door metingen te vergelijken met gps-data. De afwijkingen blijken te variëren tussen de één en tweeëneenhalf procent. Dus als lopers tegen mij zeggen dat het parcours ‘wel 150 meter te lang is’, weet ik dat ik goed heb gemeten.

De afwijking bij gps is ook best logisch, omdat de meting gebaseerd is op verbindingen met satellieten. Tussen hoogbouw valt dat contact vaak weg en moet de satelliet de afstand berekenen. Verder kan een satellietmeting beïnvloed worden door atmosferische storingen. Ik hecht weinig waarde aan gps-metingen.”

Wat niet wegneemt dat ook Winterman zich verbaast over de onbeduidende rol van technologie bij parcoursmetingen. Er wordt wel onderzoek naar gedaan, maar vooralsnog verlangt bijvoorbeeld streetviewmeting een batterij aan camera’s en een gigantische hoeveelheid data, wat bij elkaar ook nog eens veel meettijd in beslag zal nemen. „Ik ben op mijn fietsje sneller klaar”, hoont Winterman.

LOPER

Nee, zegt Michel Butter resoluut, hij verkent nooit een marathonparcours. De toploper – een van de vier Nederlanders die, met 2.09,58 uur, onder de 2.10,00 heeft gelopen – bekijkt hooguit profielkaarten. Hij vertrouwt op de parcoursmeters. Butters houding is mede ingegeven door een slechte ervaring. Ooit verkende hij voorafgaande aan de marathon in Boston het pijnpunt Heartbreak Hill. Het hielp hem niet vanwege extreme hitte op de wedstrijddag. „Toen zag Heartbreak Hill er even iets anders uit”, gromt hij nog na.

Butter neemt de 42,195 kilometer zoals die zich voor hem uitrolt. Zijn gevoel over de aard van het parcours hangt erg af van het soort wedstrijd en van zijn gemoedstoestand. Butter: „In een tijdmarathon geef ik de voorkeur aan veel lange, rechte stukken. In een strijdmarathon kom ik het best tot mijn recht op een bochtig, heuvelachtig parcours, zoals vorig jaar bleek met mijn zesde plaats in New York. Mijn mood hangt af van het wedstrijdverloop. Als het moeizaam gaat, heb ik graag een bochtig parcours. Van punt tot punt anticiperen is dan prettig.”

Afsnijden? Butter zal het niet nalaten, als een situatie zich ervoor leent, maar planmatig is het nooit. Niet altijd handig, heeft hij ervaren. In New York sneed hij af via een stoepje, om contact met de kopgroep te houden. Bleek hoger dan hij had ingeschat, waarna Butter de kramp in zijn hamstring voelde opkomen.

Punt van discussie vindt hij wel de vaststelling van de limiettijd voor deelname aan de Olympische Spelen. Een pijnpunt nadat Butter in 2015 tijdens de Amsterdam Marathon uitzending naar de Spelen van Rio de Janeiro op acht seconden had gemist. Parcoursmeter Winterman pleit, analoog aan de meettoevoeging, voor een marge van één promille bij de limiettijd.

Volgens zijn berekening zou Butter zich ondanks die acht seconden overschrijding hebben gekwalificeerd. Wat de marathonloper daarvan vindt? Hij is een voorstander, natuurlijk. Butter vertelt dat de Atletiekunie poogt sportkoepel NOC*NSF tot zo’n koerswijziging te bewegen.

HISTORIE

Waarom is een marathon toch 42,195 kilometer? Wie heeft dat bedacht? Een speciaal verhaal. Voor de eerste moderne Olympische Spelen van 1896 in Athene bedacht de organisatie een wedstrijd over 40 kilometer en noemde die de marathon, gebaseerd op de legende dat de Griekse boodschapper Pheidippides 2.386 jaar eerder die afstand vanuit Marathon naar Athene was gerend om het nieuws over een militaire overwinning op de Perzen te brengen. Bij aankomst viel hij dood neer.

In 1908, bij de vierde Spelen in Londen, werd op aandringen van koning Edward VII en koningin Alexandra de startlijn van de marathon getrokken voor kasteel Windsor, zodat hun kinderen die vanuit hun slaapkamer konden bekijken En de finish in het Olympisch Stadion werd op Edwards dwingende verzoek verlegd tot recht voor de royal box. Het gevolg van die ingrepen was dat de marathon werd verlengd tot 42,195 kilometer. En die afstand is sindsdien nooit meer aangepast.


Reageer!     Alleen geregistreerde bezoekers mogen reacties plaatsen.
Ben je nog niet geregistreerd? Lees dan eerst onderstaande forumregels en registreer als je deze accepteert.

Achternaam: Wachtwoord:

Atletiek Zeeland stelt inhoudelijke reacties op artikelen zeer op prijs. Zorgvuldigheid is echter een voorwaarde. Een reactie dient daarom te voldoen aan onderstaande forumregels.

Forumregels Atletiek Zeeland

>Een reactie op een artikel moet vanzelfsprekend betrekking hebben op het artikel waaronder het wordt geplaatst.
>De reactie mag uiteraard niet in strijd zijn met de Nederlandse grondwet.
>Een anonieme reactie is niet toegestaan. Een dergelijke reactie wordt zo spoedig mogelijk verwijderd. Ook een reactie onder valse naam is uit den boze!
>De inhoud van een reactie valt onder de volle verantwoordelijkheid van de auteur. Uiteraard behoeft Atletiek Zeeland de inhoud van een reactie niet te delen of te ondersteunen. Voor de inhoud van een reactie kan Atletiek Zeeland derhalve op geen enkele wijze aansprakelijk of verantwoordelijk worden gesteld.
>Het forum is louter bedoeld voor onderlinge discussie over het hardlopen in haar breedste vorm. Reclame voor evenementen of wedstrijden, commerciële uitingen en soortgelijke bijdragen zijn niet toegestaan. Ook het overbrengen van persoonlijke felicitaties, bedankjes of anderzijds horen niet thuis in het forum.
>In de bejegening van andere deelnemers aan het forum dient respect en wellevendheid het uitgangspunt te zijn. Scherp discussiëren is uiteraard mogelijk en zelfs wenselijk, maar de reactie mag nooit bedreigen, beledigen, discrimineren of nodeloos kwetsen. De reactie mag ook geen privé-gegevens van derden bevatten.
>Een reactie dient kort en bondig te zijn geformuleerd. Bovendien dient deze voor een brede groep begrijpelijk leesbaar te zijn.
>Het gebruik van BLOKLETTERS is niet toegestaan. Voorkom ook onnodige spelfouten in een reactie door gebruik te maken van spellingcontrole.
>Atletiek Zeeland gaat uit van de goede wil van de forumdeelnemers. Reacties die niet stroken met de hiervoor genoemde forumregels, worden zonder enige uitleg uit het forum verwijderd.

Registreer hier en respecteer bovenstaande forumregels bij het geven van een reactie.
 
Laatste reactie:
Jan Roose: Voor De 9e Keer Kapellecross..
Recente Zeeuwse prestaties meer prestaties
23-02: NK indoor Senioren Apeldoorn (1)
3000 m Marijke de Visser (PR 9.34.73)9.52.78  Vse
22-02: BK indoor studenten Gent (2)
1500 m Wouter Verstraate (PR 4.09.34)4.12.05  Mse
800 m Jasper Zuidhof (debuut)2.02.08  Mse
15-02: NK indoor A/B-junioren Apeldoorn (2)
3000 m Bezuayehu Petersen (PR)9.01.49  JoA
3000 m Bereket Petersen (PR 8.53.28)9.06.46  JoA
26-01: Indoormeeting Gent (2)
19-01: Kievitloop Bergen op Zoom (11)
19-01: Marathon Funchal (3)
12-01: 48e Halve van Egmond  (21)
Atletiek Zeeland © 2020